Ze begroette hem teder als 'mijne jongen'.
Het was nog iets te winderig, iets te fris maar de opwinding dat het echt zou gebeuren deed haar vergeten dat ze de buitenlucht al lang niet meer had gevoeld. Het idee dat ze in een rolstoel op een fiets zou worden rondgereden was iets wat ze als 'niets voor haar' achtte, behalve voor die ene gelegenheid, voor dat ene doel. De dag en het uur werden bepaald en wat ze zou aandoen die dag wou ze ten stelligste helemaal zelf beslissen.
Om niet met lege handen toe te komen werd een gepast bloemstuk voorzien door haar echtgenoot en een kaart met een poetische zinsnede uit de hand van onze pastorale medewerker werd ook meegegeven. Een opmerkzame lezer kan het misschien al raden, mevrouw gaat het graf van haar zoon bezoeken. Het was al veel te lang geleden en dat dit toch nog ging gebeuren oversteeg haar diepste dromen.
Spoorslags reden we naar de plaats waar haar allerliefste zoon al vele jaren lag en nog maar net aangekomen begroette ze hem teder als 'mijne jongen'. Het was van een hartverscheurende schoonheid, met een spontaniteit alsof het een dagelijks bezoek was, iets wat ze vroeger vast en zeker deed.
Onvermijdelijk werd ze van alle kanten begroet en de mannen van de gemeente kwamen spontaan een klapke doen. Ze was nog steeds gekend op het kerkhof, dat bleek. Op de terugweg was de spanning eraf, bijna bij elk huis legde ze uit wie er woonde, had ik het allemaal genoteerd kon ik bij de Berlaarse bevolkingsdienst gaan werken.
En dat ze zelf Fred De Bruyne onder tafel kon klappen betwijfelde ik geen moment.
Eenmaal thuisgekomen vertelde ze honderduit aan al wie het horen wou, hoe blij ze wel was dat ze dit nog mocht beleven. Die nacht is ze steevast niet wakker geworden van de nachtverpleegster die haar controleronde deed.
Dank voor het ontroerende aanhaal Piet Van Simaey (kinesitherapeut voor Zorgnetwerktrento De Vliet - Zele.)