logo

dark/light
Mag het wat luider? Zorg dragen is intensief maar mooi! - Mag het wat luider?

Zorg dragen is intensief maar mooi!

01JNK54CPVKM9PRR40YBH66R4D-v1 © Leen Foubert

Er zijn momenten die zich uitstekend lenen tot reflectie en bezinning. Nagelbijtend de operatie van dochterlief afwachten in een veel te groot ziekenhuis is bijvoorbeeld zo een moment.  Ik zit hier en ik wacht. Ik denk aan mijn familie en aan hun welzijn. En ik denk aan hoe ik hieraan kan bijdragen. Want zorg dragen is zo mooi. Intensief maar mooi. En dat vertelde ik vorige woensdag ook aan Aline, mijn nichtje van elf.

Ze had een opdracht gekregen op school. In het kader van haar latere beroepskeuze moest ze iemand interviewen uit een zelfgekozen werkveld. Ze moest die werkplek dan ook bezoeken, foto’s en filmpjes maken en daar dan natuurlijk een verslag over schrijven.

“Wie kan er vol passie over haar werk vertellen?”, had mijn zus haar gevraagd. Blijkbaar had ze zonder te moeten nadenken “tante Leen!” geantwoord.
En dus kwamen Aline, haar broer en hun mama vanuit het verre De Pinte afgezakt naar Moerzeke om aldaar hun daguitstap te beĂ«indigen op het werk van tante Leen. 
Ik stond hen buiten al op te wachten, jongens wat was ik fier om hen te mogen verwelkomen in het huis van onze bewoners. Het huis dat intussen ook mijn tweede thuis is geworden.
Aline had netjes een aantal vragen voorbereid en luisterde aandachtig naar al hetgeen ik vertelde. Haar mama filmde alles zodat haar dochter geen informatie zou mislopen nadien. “Onderbreek me als ik begin te ratelen hoor”, zei ik tegen Aline. “Ik ben me ervan bewust dat ik niet van ophouden weet wanneer ik over mijn werk begin te vertellen”, vervolgde ik. 
Die lieve schat heeft me echter op geen enkel moment onderbroken, waardoor het nadien quasi onmogelijk bleek om de gemaakte filmpjes naar mij door te sturen wegens veel te groot.
We hebben samen de leefgroep bezocht en hebben met de bewoners en mijn collega’s gepraat. Aline, haar broer en mama keken en luisterden geboeid. Soms voelde het wat onwennig, zei mijn zus. Het was voor haar (ze werkt op personeelsdienst van een groot bedrijf) immers een vrij onbekende wereld. 
“Waarom vraagt die meneer naar zijn vrouw? Waarom wil die dame naar huis? Waarom zegt deze man niks meer?”, vroegen Aline en haar broer. Ik meende een tristesse te zien in de ogen van mijn zus.

Het werd tijd om af te ronden. We gingen weer naar het onthaal waar we even bleven napraten. Mijn zus keek me vragend aan toen er vlakbij ons heel hard met de inkomdeur van de beschermde leefgroep werd gerammeld. “Meneer wil naar huis”, zei ik met gebogen hoofd. Het werd even stil.
“Wat zit ik daar op mijnen bureau eigenlijk te doen…”, vroeg mijn zus zich luidop af.

“Ik ben zo fier op jullie”, liet ik Aline en haar broer nog weten. 
“Wij ook op jou hoor”, antwoordden ze.

Volg ons